Max Marolle - Het monster van “Woudrust”

Max Marolle - Het monster van “Woudrust”

Familie geheimen uit het dagboek van een nederlandsch journalist. 's-Gravenhage. 1912. Utrecht, A. W. Bruna & Zoon 1913, 25 cents Novellenreeks.

Max Marolle is vrijwel zeker een schuilnaam. Volgens het Meertensinstituut komt de naam Marolle als familienaam niet voor, Marolle is wel een gehucht in België. Volgens Lectuur-Repertorium is het wel degelijk een Nederlands auteur. Er bestaat van dit boekje dus een ingenaaide en een gebonden uitgave. Waarschijnlijk geen groot verkoopsucces gezien het feit dat er tot 1927 mee geadverteerd wordt. Op beide illustraties is heel vaag rechtsonder de naam van de illustrator te zien. Op de geel/zwarte zoiets als Frans bondeg en op de zwarte iets als J.Punckel. Diegene die meer weet wordt vriendelijk verzocht dit te melden.

Afbeelding en research: M. Smith

Js.


Gerben Colmjon – De blauwe wereld

Gerben Colmjon – De blauwe wereld

Twentsche streekroman W.L. Salm1940 Herdruk Leidse Uitgersmij. 1950

Geboren te Leeuwarden op 16-8-1899 overleden te Deventer op 25-12-1972.

Hij was boekhandelaar in Den Haag. Later letterkundige. Woonde tijdens zijn jeugd in Rijssen waar hij over de hei zwierf met de latere schrijver Belcampo. De blauwe wereld werd in 1940 door de Duitsers verboden en in beslag genomen.

Ander werk:Kalderionen, 1926  De toeschouwer: een sober verhaal, 1931 Conrad Busken Huet, 1944 De oorsprongen van de renaissance der litteratuur in Nederland, 1947 De beweging van tachtig, 1963

De flaptekst: Dit boek verscheen voor het eerst vlak voordat de Duitsers  ons land, dat hun niets gedaan had, binnenvielen en er een periode begon van verwoesten, stelen en vermoorden zoals er nog nooit in de geschiedenis was voorgekomen. “De Blauwe Wereld”viel de onderscheiding te beurt, gezet te worden op de tweede lijst van werken die verboden werden door de Befehlshaber der Sicherheitspolizei und des S.D. fur die besetzten  Niederlandischen Gebiete. Vrijwel de hele oplaag werd in beslag genomen en vernietigd. En wel, naar men de schrijver meedeelde, om zijn neerzien op de Duitsers en zijn sympathie voor de Engelse “Lebenshaltung”; terwijl het boek bovendien slecht opvoedkundig, ja gevaarlijk, was vanwege het feit dat er aanslagen op lieden die misbruik van hun macht maakten in werden behandeld. De auteur heeft deze roman, die nagenoeg onbekend gebleven is, herzien en biedt hem het publiek hierbij nogmaals aan.

afbeelding stofomslag 2e druk en afbeelding band 1e druk collectie M. Smith.

js


Melati van Java - Ontmaskerd

Melati van Java - Ontmaskerd

Jan Leendertz & Zn. 1887, 2e druk D. Bolle ca. 1894, 3e druk D. Bolle1917, 4e druk D. Bolle 1924

Melati (Indische jasmijn) van Java is het pseudoniem van Nicolina Maria (Marie) Sloot.. Geboren 13/1/1853 in Semarang en overleden 13/6/1927 in Noordwijk. Schreef ook onder ps Mathilde en Max van Ravensteijn. Groeide op in een katholiek gezin als oudste dochter van onderwijzer Carel Sloot. De familie Sloot verhuisde in 1871 naar Nederland en vestigde zich uiteindelijk in Roermond. De schrijfster verhuisde in de jaren 80 naar Amsterdam waar ze samenwoonde met haar vriendin Lena Scheffer. Haar eerste publicatie werd op 17/2/1872 geplaatst in het Katholioke Stuiversmagazijn. In 1874 verscheen haar eerste roman “De jonkvrouw van Groenenrode” onder haar ps Melati van Java. In de meeste van haar romans figureren opmerkelijke vrouwen, standsverschillen en vooroordelen jegens Indische vrouwen en de onderwaardering van Rooms-katholieke vraagstukken. Zij kende een grote populariteit. In 1921 was haar 2-delige roman “Hermelijn” nog steeds het meest uitgeleende bibliotheekboek. Veel werk werd ook vertaald , vooral naar het Duits. Van veel romans is het jaar van uitgifte (nog) niet te achterhalen, maar zeker 10-15 romans gingen aan Ontmaskerd vooraf. In totaal schreef ze 50 boeken.

(tekst en afbeeldingen M. Smith)

afbeeldingen van de 1e ,3e en 4e druk


André Claudius – Moord bij de Wodanseiken

André Claudius – Moord bij de Wodanseiken

A.J.G. Strengholt Widetet reeks no.8 1955, Omslagtekening Frans Mettes

Volgens Lectuurrepertorium een pseudoniem. Helaas is deze niet te kraken.

De Leidse Courant en het Vrije Volk waren niet positief in hun beoordeling. Lectuurrepertorium spreekt van “Een knappe detectiveroman”.

Uit Het Vrije Volk van 21-09-1955

Moord bij de Wodanseiken (uitg. A. J. G. Strengholt) is een oorspronkelijke detective-roman van een zekere André Claudius. Afgaande op wat deze André in een dikke 200 pagina's bijeen heeft gepend, lijken enkele dingen voor eens en voor altijd vast te staan: le. André.kan niet schrijven. 2e. André heeft geen flauw.benul van compositie.. En daarom mag André A. J. G. Strengholt .wel bijzonder dankbaar zijn, dat die dit hopeloos stuntelige, van iedere intelligentie gespeende verhaal uit heeft willen geven. Wij voor ons zien geen reden tot dankbaarheid. O ja, dit boek is er één uit de Widétet-reeks. Nou, wie 't doet zal ons nog een zorg zijn. Als ze,'t maar goed doen!

Uit Algemeen Handelsblad van 21-4-1956

De oorspronkelijke Nederlandse detective-romans beginnen nu in hoog tempo van de drukpersen te komen, zonder dat er vooralsnog veel verheugends bij is. Wie de maatstaven van opbouw en schriftuur aan wil leggen, die in Engeland bijvoorbeeld als normaal worden aanvaard komt met een schriel oogstje thuis. De nummers 8 en 10 uit de Widétet-reeks van Strengholt (aardige verzamelnaam overigens) zijn goedverteerbare lectuur, maar hebben toch geen van beide de heldere afwikkeling van zaken die de ware lezer van speurdersromans boven alles waardeert. Want de amateur-achtige detective Ulysses P. Bibber, geschapen door een auteur die zich Ted O'Sickens noemt, moet waarschijnlijk een tegenwicht leveren tegen de hard-slaande, veel-drinkende en snel-minnende speurders die wij uit Amerika importeren, maar is daarmee helaas tevens van een even ridicule onwaarschijnlijkheid als zijn broeders van overzee geworden. Dat hij om zijn onheldhaftigheid te demonstreren oud en zenuwachtig moet zijn, en daarbij voortdurend „gunst" en ,.gut" moet uitroepen is tot daar aan toe; maar dat de hem. ten gerieve ongezette intrige van De man die er niet w a s werkelijk geen stukje aannemelijkheid bezit en bovendien met veel pretentieuze omslag van noten en tussenschriften wordt opgediend maakt, het boek weinig genietelijk. Aan het euvel der geringe waarschijnlijkheid lijdt Moord bij de Wodanseiken van André Claudius ook wel een beetje: het speelt in een nauwelijks denkbare situatie, alleen ten behoeve van de detective geconstrueerd — altijd een verkeerd uitgangspunt voor een speurdersroman. Voor het overige is deze. geschiedenis van een groep ex-illegale kunstenaars die een rekening uit de oorlog vereffent onderhoudend geschreven..

js


Jozef Cohen – De moord in het dennebosch

Jozef Cohen – De moord in het dennebosch

Bioscooproman S.L. van Looy 1926 Tekeningen van (De Ploeg schilder) Johan Dijkstra ( (1896 - 1978). Geboren te Deventer op 2-1-1886, overleden te Groningen op 12-7-1965.Hij is getrouwd met Corry van Hamersveld en ze hadden twee kinderen Hans (1923) en Riwka (1925).Na zijn HBS tijd werd Jozef Cohen journalist bij De Telegraaf.Vanaf 1908 studeerde hij letteren aan de universiteit van Göttingen Duitsland. In 1911 is hij alweer terug in Deventer. In 1914 werd hij directeur van de Openbare Leeszaal in Groningen tot dat hij in de oorlogsjaren uit zijn ambt werd gezet door de Duitse rijkscommissaris Seyss Inquart. Hij schreef romans, gedichten, sprookjes, toneelstukken hoorspelen en novellen.In 1949 ontving hij de Novelle-prijs van de gemeente Amsterdam voor zijn novelle: De tocht van de dronken man.

Afbeelding collectie R. Sterk

js


Hans van Buuren – Zijn laatste bezoek

Hans van Buuren – Zijn laatste bezoek

Amsterdamsche Boek- en Courantmij. 1953

Schrijversnaam van Mr. Dr. H.J. van Buuren, geboren te Barneveld op 17-6-1922 overleden in Haarlem op

7-11-2001

Getrouwd met Joan Sarina Wolf (1922-1982)

Studeerde te Leiden en Utrecht rechtswetenschappen. Werd na 1949 ambtenaar van het openbaar ministerie bij de kantongerechten in Den Haag. Later werd hij Officier van justitie. Onder zijn eigen naam slechts één detective. Onder pseudoniem Hans Neber verschijnen, bijna dertig jaar later in de periode 1981-1986, nog zeven detectives.

js


Cees Buddingh – Vrijwel op slag

Cees Buddingh – Vrijwel op slag

Bruna Boek van de maand 1953 Omslagtekening van Dick Bruna.

Cornelis (Kees) Buddingh is geboren in Dordrecht op 7-8-1918 en overleden in Dordrecht op 24-11-1985. Hij was dichter, schrijver en vertaler.

Schreef honderden gedichten. Vertaalde diverse De Saint-boeken van Leslie Charteris .

Uit de Volkskrant van 1-5-1954 door Frans de Clerqc.

Op boevenjacht met Buddingh Zijsprong van een dichter. DETECTIVE-SCHRIJVERS verdringen elkaar niet op het grondgebied der Nederlanden. Het genre wordt hier ook zelden au sérieux genomen; de mening der literatoren is blijkbaar, dat Apollo zich niet met politie-aangelegenheden moet bemoeien. Inderdaad verschijnen er hier — in tegenstelling bijvoorbeeld tot de situatie in Engeland — weinig speurdersromans, waarmee de godinnen der schoonheid bemoeienis hebben gehad. Dit alles doet intussen niets af aan het feit, dat het wel eens aardig is, voor zijn (ont)spanning een detective-verhaal te lezen. De jeugdige dichter C. Buddingh, die experimentele poëzie en gorgelrijmen van voortreffelijk gehalte op zijn naam heeft staan, heeft zich nu geroepen gevoeld om als een schrijvende Dick Bos — oplosser van ingewikkelde moordproblemen — op te treden. Hij heeft geschreven de roman VRIJWEL OP SLAG, een onvervalst detective-boek, met een levensechte moord met voorbedachten rade in het kalme Gouda. Wat te zeggen van dit boek? Het is, helaas, geen literatuur en dat had het, dunkt mij, met Buddingh’s talenten (gezien zijn poëtische vermogens) toch wel kunnen worden. Gezegd moet echter worden, dat het knap in elkaar gezet is; volgens een koel, bijna wiskundig schema. Het is ook „vlot"; men leest het presto, presto uit en beseft dan, dat men zich gedurende een uur voor zijn genoegen heeft verdiept in de zaak, waarmee die Goudse inspecteur van politie zoveel zorgen had.

Een Orson-Welles-achtige financier wordt dood in zijn werkvertrek gevonden en achtereenvolgens valt de verdenking van de inspecteur en de lezer op verscheidene (louche en andere) figuren, tot de ontknoping tenslotte komt aantonen, dat ze beiden langs verkeerde wegen op zoek waren naar de uitgang van het labyrinth. Over die ontknoping kunnen hier uiteraard geen onthullingen worden gedaan; alleen zij opgemerkt, dat er wel een geforceerd element zit in de aanwijzingen, die de dader zelf achterliet. Een spannend verhaal dus, waarvan echter de dialogen nogal mat zijn. Wie eens niets anders zoekt dan die spanning, zal zich niet gedesillusionneerd voelen. Ons intussen is Buddingh' toch sympathieker als schepper van vreemdsoortige dieren als de „gringergoriaan" en de „goudopsnee-vink"

js


Paul de Casparis – Korenmaat vergist zich

Paul de Casparis – Korenmaat vergist zich

Servire 1955

Paul Abraham Christiaan de Casparis is geboren te Amsterdam op 27-4-1928

Hij was journalist bij De Telegraaf.

Schreef bovendien nog een bekroonde novelle: Men slaat geen dode honden (1952).

De recensie uit De Tijd is maar matig tot slecht de bespreking in De Telegraaf (zijn werkgever) was juist positief! Collega Jan Spierdijk schreef de recensie.

Uit De Tijd van 2-5-1956

Oorspronkelijke speurdersroman, heet dit verhaaltje van Paul de Casparis, uitgegeven bij Servire te Den Haag. Een weidse ondertitel, veel te weids zelfs. Naar onze smaak verdient het boekje niet roman te heten. Een vrij simpel vertelsel, allesbehalve oorspronkelijk en geschreven in een voortdurend krampachtige poging „leuk" te doen, met het gevolg, dat het alleen maar irriterend werkt. Zelfs voor louter ontspannende treinlectuur lijkt ons dit boekje ongeschikt. Het had o.i. beter onuitgegeven kunnen blijven

Uit De Telegraaf van 24-12-1955

De Nederlandse detectiveroman is de laatste jaren in een goed blaadje komen te staan, vooral dank zij het optreden van een aantal nieuwe schrijversfiguren met de kort geleden overleden W. H: van Eemlandt aan het hoofd. Het is niet al Havank meer wat de klok slaat.

Bij deze groep „nieuwelingen" heeft zich thans de jonge auteur Paul de Casparis gevoegd. Zijn „Korenmaat vergist zich". oorspronkelijke speurdersroman" (Uitgeverij. Servire — Den Haag) zal in de eerste plaats door zijn oorspronkelijkheid opvallen. Hoofdpersoon is Eduard Korenmaat, een zich achteloos bewegende jongeman, die met discrete onderzoekingen aan zijn rum en aan de kost komt Hij wordt op de eerste bladzijde wat ruw in zijn nekvel gepakt en met zijn neus op een moord geduwd. Kort daarop wordt hij door twee zonderlinge opdrachtgevers, die zo op het oog niets met elkaar te maken hebben, in beweging gezet en geraakt van het ene wespennest in het andere. Men noteert enige doden, die men niet behoeft te betreuren. Men ontmoet veel geheimzinnigheden, die passen in. een schema, dat goed beschouwd tamelijk bedacht en wat al te gecompliceerd aandoet.

De verdiensten van het boekje liggen elders. De speurtocht van Korenmaat in de naamloze stad bezit een sterke sfeer die boven de soms zonderlinge gang van zaken uitstijgt, De dialogen zijn haarscherp en de auteur bezit een onmiskenbaar gevoel voor stemming makende details. Hij heeft een parmantige stijl èn een schijnbaar achteloze grappigheid, die de situaties soms in het parodistische trekt. Het geheel is in elk geval zo boeiend, dat ik Paul de Casparis en Eduard Korenmaat graag nog eens schrijvend en speurend aan het werk wil zien.

js


F.J. Broekhals – Schaduwen in het maanlicht

F.J. Broekhals – Schaduwen in het maanlicht

Steenuil 1958

Ferdinand Jacobus Broekhals is geboren te Semarang (NI) op 9-5-1903 en overleden in 1963 (andere bronnen noemen als jaar van overlijden 1968). Getrouwd op 28-1-1928 in NI met Theodora de Bruyn (geboren 1907)

Hij was planter op de rubber- en thee-plantage Djolokigo te Pekalongan.

In de oorlogsjaren is hij als soldaat 2e klas in 1942 gevangen genomen door de Japanners op Java en geïnterneerd.

Na de oorlog was hij actief als auteur van spannende jeugdboeken en romans die zich afspelen in Nederlands Indië.

Een zoon Ferdinand, geboren 1929, emigreerde later naar Australiè en paste zijn naam aan als Ferdinand J. Brockhall. Door vrienden wordt hij Terry genoemd. Schreef in 2022 het boek Tea, War & Crocodiles.

In navolging tot haar vader schreef dochter Conny (1930-2012) ook een jeugdboek: De roemrijke tocht van de Zambesi II (1954).

Biografie: Jeugdboeken De slapende vulkaan 1953, Geheimzinnige lichten in het Diëng gebergte 1952, Het geheim van de haaiendoder 1956, In de greep van het oerwoud 1952, Tussen onkruid en rozen (roman) 1956, Het geheim van het dodendal (avonturenroman) 1959 en onder pseudoniem Jan Berghman; Kiemend Zaad (roman).

js

afbeelding: collectie W. van Eyle

js


Dieuke Boissevain – Discrete dood

Dieuke Boissevain – Discrete dood

Sijthoff 1940 Speurderserie Alleen voor erkende leesbibliotheekhouders, 2e druk 1941, herdruk Accoladeserie 1955

Dieuke Machteld Hilda Boissevain is geboren te Amsterdam op 5-12-1910 overleden op 1-4-1987 te Bussum. Getrouwd met Carel Marie Nienhuys (1909-2003)

Studeerde rechten in Leiden.

Discrete moord is in 1947 vertaald in het Tsjechisch: Diskretni smrt. Ze schreef in 1934 een toneelstuk; Tot in lengte van dagen. In 1941 Facade (roman).

Tijdens de tweede wereldoorlog zijn er een tweetal Duitse vertalingen verschenen bij een Duitse uitgever: Nur Fassade (1942) en Ungleiche Geschwister(1943) bij A. Müller Verlag, A.G.

Rotterdamsch Nieuwsblad 2-8-1940

Dieuke Boissevain heeft om den plotselingen dood van een bejaarden rechtsgeleerde een boeienden

familieroman gecomponeerd en een geheimzinnig net van verdenkingen geweven. De vraag, wie den nobelen mr. Jurriaan Focken op het landgoed Rozenha vergiftigd heeft, brengt den lezer in contact met interessante familie-complicaties. Een advocaat fungeert als detective, terzijde gestaan door een charmante vrouwelijke meester in de rechten, op wie met evenveel reden een verdenking kan rusten als op één van de bij den moord geïnteresseerde familieleden, want zij was het laatst in het gezelschap van mr. Jurriaan Focken. Met literairen smaak en met begrip voor de eischen, welke aan goede ontspanningslectuur dienen te worden gesteld, heeft Dieuke Boissevain „Discrete Dood" geschreven.

Provinciale Drentsche en Asser Courant 28-8-1940

Dit is een detective-roman, die behalve door knap geweven en verrassende intrigue, van begin tot eind fascineert door tal van rake typeeringen, snelle, overtuigende milieu-teekening, fijn-psychologische trekjes, menschelijke al te menschelijke verhoudingen, met geest en vaart weergegeven.

duitse versie collectie W. van Eyle

JS


Vorige pagina 41-50 van de 108 Volgende pagina